Spetters!

Oplettende lezertjes zullen meteen drie zaken opvallen in deze foto:

  1. Paul is in de weer geweest met een hogedrukreiniger
  2. Hij heeft werkschoenen aan gehad en één sok hoger opgetrokken dan de andere
  3. Hij draagt nog steeds dat vod van een korte broek – die zal onderhand wel stinken

De hogedrukreiniger hebben we gekocht namens mijn moeder, als verjaardagscadeautje voor Laura en mij (bedankt mam!) En zeg nou zelf, hoe leuk is het om ’s ochtends eerst met veel lawaai een rijtje bomen te vellen, dan ijskoud te douchen en daarna met zo’n roterende waterstraal een dikke laag modder uit de dakgoten te spuiten – en daarna wederom ijskoud te douchen. Boys’ heaven.

Sowieso was het een productieve ochtend. Laura, nonna en Chris in de kelder, stapels oud servies beoordelend, om wat nog bruikbaar is af te wassen (we kunnen nu koken voor ongeveer zeshonderd vrienden). Van onze wijnvoorraad denken we inmiddels af te kunnen komen door elke gast bij vertrek een fles te laten uitkiezen. Tot nu toe doen we geboortejaren en trouwjaren; dat wordt wel een probleem met bejaarde of hele jonge eters, want onze jaargangen gaan maar van ’66 tot ’85.

Voor Dami en mij heb ik een lijstje gemaakt van dingen aan en om het chalet: dakgoten schoonspuiten dus, en kapotte regenpijpen repareren. Oude waterbuizen eraf slopen. En, vooruit denkend naar een werkweek eind oktober: uitproberen of de schoorstenen willen trekken. Naar blijkt die in de tavernetta wel, die in de woonkamer niet.

En natuurlijk leven we nog steeds onder de doem van de enorme dode ceder achter het huis. Om die boom neer te kunnen laten halen moeten we eerst zorgen dat de telefoonlijn die over ons terrein naar Cortemilia loopt, door de bevoegde instantie wordt losgekoppeld. Dat blijkt een bureaucratisch moerasje, met medewerkers die dingen niet blijken op te schrijven of door te geven aan collega’s, of die onze casus alweer gesloten blijken te hebben. Ook beweert de buurvrouw (wier telefoonnummer we uiteindelijk hebben opgegeven omdat genoemde instantie een buitenlands telefoonnummer echt te ingewikkeld vond) dat er iemand is langs geweest afgelopen donderdag en ‘een paal heeft weggehaald’. Ik was die ochtend thuis en heb niets gezien of gehoord; ook zit er nergens een vers gat in de grond.

Gelukkig belast Laura zich met al die tergende nonsens (laatste grap: de mevrouw aan de telefoon zegt ‘als het echt gevaarlijk is, moet u misschien de brandweer maar bellen’). Zelf zou ik voorstellen om die boom onopvallend op het chalet te laten vallen, zodat we het dak voordelig kunnen laten opknappen van de verzekeringscenten.

Morgen een ochtendje met de jongens naar de zee in Finale Ligure. Ff iets anders doen, want dit huis en deze grond laten je niet makkelijk los.

O ja: die broek zal waarschijnlijk inderdaad wel stinken. Maar we wonen hier op 340m hoogte en met buren op honderd meter afstand. Geen punt dus lijkt me.

Gros

Jazeker, morgen is het Ferragosto. En dat betekent onder andere dat we de vandaag gekochte watermeloen niet nu, maar morgen gaan opeten. (Lees meer over de Italiaanse hang naar traditie op https://www.desmaakvanitalie.nl/ferragosto-in-italie/).

Ik sta sinds donderdag in een wat lagere versnelling. Om het alsmaar warmer wordende weer: tussen 12 en 5 grootse dingen verrichten gaat gewoon niet. Om te zorgen dat alles me niet boven het gebruinde hoofd groeit en de tobberijtjes de baas gaan spelen. En omdat Laura weer op het nest is, samen met nonna – die er overigens in geslaagd is gedurende de rit van Savona naar Cortemilia vier keer over te geven; helaas maar drie keer buiten de auto.

Het komt dit weekend ook extra goed uit: we beginnen hier al een sociaal leven op te bouwen. En daar heb je ook tijd voor nodig. We hebben samen met buurman Gino en zijn vriendin Floriana grote stukken vlees van hun bbq weggeluncht. Met een mooie fles mousserende witte wijn en met bitterkoekjes en chocola gevulde halve perziken erbij.

Rond zessen kwamen Guido en Maria, onze vrienden uit Piana Crixia, binnenvallen met hond Lillo. Laatstgenoemde bezorgde nonna de gebruikelijke doodsangsten. Met architect Guido bekeek ik het oude huis nog maar eens en filosofeerden we verder over hoe we dat willen gaan opknappen en inrichten.

En morgen verwachten we Laura’s neef Piero en gezin voor de pizzalunch. Chris heeft net het deeg gemaakt en morgen moet de oven buiten al ruim op tijd aan: het kost een uur of drie flink stoken om de stenen bodem van de oven heet genoeg te krijgen om de pizza erop te kunnen bakken. (Ik leer hier heel veel dingen, onder meer door schade en schande.)

Veel gezelligheid dus, en een sterk tanend tijdsbesef. We volgen gewoon het ritme van de zomerdagen en proberen de schade aan onze benen beperkt te houden.

Nut en Nood

Vandaag soort van rustdag. Ruim tien dagen doorbuffelen eisen hun tol. En de warmte natuurlijk ook. We doen het minimaal noodzakelijke: afwassen, het huis op orde maken voor de komst van Laura en nonna. Na de lunch willen we naar Savona, uurtje zwemmen, wat dingen kopen; en dan naar het station.

De meubels die we mochten hebben van verwanten uit Turijn zijn gisteren gekomen. Een ervan is een mooi retro bureautje, waarop ik weer wat comfortabeler kan typen.


winden moeten blijven draaien
wat ook kan de windhaan doen?
dauw zich zetten op de velden
glimmen rupsen goud en groen

glooit het land en zoemen barden
buigen wij voor nut en nood
weten we de ruimte eender
wijkend. Zacht en rozerood dan

moeten de frambozen rijpen
wat ook als het zicht ontaardt
en de stilgevallen blinde
doelloos naar de ziende staart?

Na en voor

Nu zou ik graag grote vooruitgang laten zien. Lijkt me niet veel gevraagd na een dag of tien hard werken. Toch?

Voorlopig ontspringen uit elke klus die je doet twee nieuwe, of drie. Ben je tevreden dat je een mooi doorkijkje hebt gezaagd, zit je met een stapel bomen die ergens moeten blijven.

Voordat je verder leest: de rechter foto hierboven is van de website van de makelaar, de andere heb ik net gemaakt. Zoek de verschillen. Leuk spelletje in de bijna verregende Hollandse zomer.

  1. De druivenranken zijn van de esdoorn af
  2. De Forsythia is weer ongeveer in model
  3. De betonnen schalen langs het zwembad zijn opgeruimd
  4. De takken van de grote boom rechts die over het dak hingen zijn weg
  5. En het zwembad is bijna leeggepompt natuurlijk (voor wat het waard is)

Eigenlijk maakte ik dit lijstje om mezelf moed in te schrijven. Soms wil ik alleen maar in de auto springen en naar de Biennale in Venetië rijden. Mooie dingen kijken in grote koele hallen.

Toch maken we flink vooruitgang, met de motorzaag, de trimmer, de maaier, de takkenzaag en de snoeischaar. En vooral met onze handen. Het is hier twintig jaar lang zó verwaarloosd geweest dat deze werkvakantie eigenlijk alleen maar draait om ruimte maken en het licht de ruimte geven. Wij tegen de onstuitbare opmars van plant en dier.

De jongens

Changement. Laura is gegaan, Damiano is gekomen. Op het station van Savona. Ze hebben elkaar nog rustig kunnen knuffelen, we hebben met z’n viertjes goed geluncht en daarna zijn de jongens en ik terug naar Cortemilia gereden en heeft Laura de Frecciargento (Zilveren Pijl, mwah) genomen richting het snikhete, door Covid en huisvuil geteisterde Rome.

Dami was zijn eigen nuchtere zelf: geen grootse oh’s of ah’s toen we ons oprijlaantje op reden. Ook niet toen hij door spraakwaterval Christian meteen meegesleept werd op een rondleiding. Pas ’s avonds bij het eten kwamen z’n eerste observaties en ideeën. Toen het begon te schemeren maakte hij vuur in een van de vele betonnen bloembakken; John Mayer, The Eagles op de Wifi-speaker, zachtjes meezingen tot een uur of tien.

Het is moeilijker dan papa en mama spelen, zo alleen met twee zoons. Ik probeer de balans te treffen tussen aan ze het werk zetten, laten uitrazen en samen gezellige dingen doen. Da’s een klus, als je zelf vooral in de klusstand staat.

Maar toch. Buiten koken in de steenoven, salamanders vangen in de plantenresten op de bodem van het zwembad. En na gedane arbeid vanochtend (omgezaagde bomen naar de hooischuur slepen om daar te laten drogen) hebben ze een terrarium gebouwd voor diezelfde salamanders, in een hoekje van een hoekje van het terrein. Het komt best goed.

Nu even afdalen naar het dorp voor een ijsje en een biertje.

Paradigm Shift

’s Morgens om een uur of zeven, half acht sta ik op. Doe m’n crocs aan en wandel naar de kleedhokjes, in m’n blootje. Vermoedelijk, nee ongetwijfeld, is dat een heel raar gezicht: lange man met een mager bovenlijf en een beginnend buikje, op crocs. Nu ik dit opschrijf komen trouwens, niet erg opwindende, beelden in mij op van oude mannen en vrouwen die naakt achter een winkelwagentje door de campingwinkel lopen.

Maar dit is ons eigen huis. De privacy hier is overweldigend. En het water in de douche koud. Grappig genoeg is dat alleen maar fijn. Terwijl ik thuis in Oss altijd sta te miepen voordat ik me lauw ga afspoelen.

Dingen zijn anders. Sterker: wij zijn anders. Alles is groter, meer vervallen, riskanter (de grote, dode ceder achter het chalet staat op omvallen en gaat dinsdag of woensdag neer), ’s nachts is er groot kabaal van de slaapmuizen die ons dak als speelplaats gebruiken, en van onzichtbare dieren die onder het terras tussen de bomen scharrelen. Christian wandelt ’s ochtends naar de moestuin van de buurman, een meter of tien onder onze zij-ingang en plukt enorme tomaten en een handvol komkommers.

We worden plattelanders – als dat woord passend zou zijn, want niks is hier plat, onze kuitspieren worden alsmaar steviger. ‘Gente di campagna’ lijkt me beter op z’n plaats. Een heel praktisch ingesteld leven. De drek moet van de bodem van het zwembad, de ergste spinnenwebben weg is al heel mooi, ingewikkelde gerechten maken we niet. Ik loop regelmatig het terrein over en begin langzaamaan te zien welke bomen mogen blijven en welke ik ga omzagen.

We zijn op vakantie en ook weer niet. Het begrip verliest een beetje aan betekenis (ook al zijn we gisterenmiddag naar zee geweest en eten we af en toe buiten de deur). Met gewoon doen, bezig zijn, af en toe overleggen wat en hoe, vliegen de dagen voorbij. We zijn ’s avonds doodmoe en liggen rond tienen al naast elkaar op onze drie veldbedjes in de woonkamer.

Het gevoel overweldigd te worden door wat we hier aantreffen, de angst dat we het allemaal niet voor elkaar gaan krijgen overvalt ons alleen nog wel eens ’s nachts. Maar ook dat wordt steeds minder.

Zaterdag komt Damiano en daar zijn we heel blij om. Dat Laura diezelfde dag naar Rome afreist is minder leuk, nu we zo lekker als team draaien. Ze vindt het heel lastig om weg te gaan, ook al kijkt ze er erg naar uit haar moeder eindelijk weer eens te kunnen knuffelen. Ons Juudje blijft het huis in Oss bewaken en zal het hier jammer genoeg pas in oktober kunnen zien.

Tot slot een gebed dat ik een paar jaar geleden schreef. Opdat we niet vergeten dat we niet leven door te hebben, maar door te zijn.

van de vanzelfsprekendheid

waarmee we dachten bijna alles

of tenminste toch

het schuim

dat ons aan deze aarde bindt

is godzijdank maar weinig over

wat je vindt dat mag je houden

geef ons dat wij van nu af

arm zijn en nog armer worden

ouder leger naakter

stil

neem ons alles af ook dat

wat wij nog niet of meer bezitten

of tenminste toch

het schuim

dat ons aan deze aarde bindt

…of a lifetime

Hoofd- en bijrollen van onze eerste vier dagen:

  • Perfettina, MariaGrazia en Elio: voormalige eigenaren van ons landgoedje. Verdienen nog een eigen kolommetje over de historie van deze plek.
  • PierLuigi, aka ‘Willi’, door ex-eigenaren aanbevolen loodgieter.
  • Paolo + zoon, door Willi aanbevolen elektriciens.
  • Giulio + vader, door Willi aanbevolen tuinmannen.
  • Paolo, door niemand aanbevolen baas van een zwembadfirma – Willi vroeg zich af waarom ik zomaar iemand van internet had geplukt.
  • Gino, linkerbuur, alleen hier in het weekend om zijn moestuin bij te houden en een beetje om zijn vrouw te ontvluchten.
  • Germano en MariaRosa, rechterburen, gepensioneerd, met hond Semola, pup.
  • Guido en Maria, vrienden met B&B hier een half uur vandaan.

Wonen op het platteland eenzaam? Denk het niet.

Mambo

ondertussen bij Albert Heijn

Taaie reisdag. Net voor het donker binnen bij de B&B, maar in elk geval een goed bed voor drie doorstoofde hoofden. Niks meer over zeggen.

Enigszins hyper van verwachting aan het ontbijt. De eigenaar blijkt een ex-leerkracht en ex-burgemeester van een naburig dorpje (ik word daar altijd blij van, van schapenboeren of drogisten die het burgemeesterschap erbij doen). Als Laura over een aantal jaren haar oude beroep weer op wil pakken hoeft ze hem maar te bellen en hij zal zorgen dat ze in Cortemilia bij de lokale basisschool wordt aangenomen. Alvast één ding geregeld.

De ochtend is een Italiaanse film: we ontmoeten de makelaar en twee van de eigenaren bij het huis. Er wordt druk gesproken, we krijgen telefoonnummers van elektriciens en loodgieters, de man van een van de eigenaren raakt geëmotioneerd omdat het huis verkocht gaat worden; en af en toe roept iemand ‘we moeten nu echt weg, anders zijn we te laat voor de notaris.’

En de makelaar, die eerder wegging, belt me om te vragen of we toevallig drie klapstoelen hebben, want de notaris komt naar zijn kantoor en we kunnen daar niet allemaal zitten. Kijk: wij hebben stoeltjes mee uit Nederland, die liggen nog in de auto!

Het officiële deel verloopt voorspoedig. We weten niet helemaal zeker of dit allemaal echt gebeurt. Maar waarschijnlijk wel, want ergens halverwege is een van de aanwezigen even verdwenen en de notaris zegt ‘hij moet wel terugkomen, anders kunnen we niet verder.’ Dus we zijn nog steeds in Italië.

Na nog wat plichtplegingen eindelijk weer onder ons. Salade en pasta eten bij Bar Nazionale, het stralende middelpunt van de Cortemiliaanse horeca. Ze herkennen ons er nog van ons bezoek in mei. Mama’s bellen resp. appen, en wat andere mensen die extra hebben meegeleefd. En dan eindelijk als nieuwe eigenaren op weg naar twee oude huizen.

(Wordt vervolgd, want het is al over tienen en het werk roept. Beetje de ochtend weg lanterfanten, daar gaan we dus niet aan beginnen.)

fout, dit is niet Cortemilia gezien vanaf ons balkon, maar Bergolo, een mooi klein dorpje in de buurt

ViaStrada

Onze domeinnaam is viabergolo.casa. Dat klinkt goed, vind ik zelf. En goed klinken is heel belangrijk in Italië.

Dat begint al in de taal. De beroemde zangerigheid (en zingbaarheid) van die op klinkers gebouwde woorden. Geen enkele Italiaanse ouder zal zijn zoon Zbigniew noemen bijvoorbeeld, terwijl dat in Polen heel gewoon is. En tevergeefs zul je naar iets als ‘angstschreeuw’ zoeken in het woordenboek (‘urlo di terrore’ zeggen ze, ik bedoel maar).

Maar goed, ik wilde iets zeggen over de naam van onze straat. Die is Via Bergolo, aka Strada Provinciale 114, volgens Google Maps. Tot zover duidelijk, ook in Nederland hebben bijvoorbeeld stukken snelweg naast een nummer ook nog een naam.

Het grappige is nu dat in de officiële stukken onze straat Strada Bergolo heet. Weg, straat, het zal je misschien een rotzorg wezen. Maar ik wil het graag precies weten. Dat is tamelijk on-Italiaans – over onduidelijke situaties kun je juist lekker lang praten en het oneens zijn. Om dan na dat lange praten nog steeds niet te weten hoe het zit. Waarheid is iets voor rechters en wijsneuzen.

Ik volg Google en noem onze straat dus Via Bergolo. En, omdat ik toch ook een beetje Italiaans ben: Strada Bergolo bekt gewoon niet zo lekker.