Stola

Hij vraagt of het goed is dat hij dit huis en zijn bewoners zegent. Natuurlijk is dat goed, wie wil er nou niet gezegend zijn. Er blijkt dat de pastoor en een collega een toer van Cortemilia en omgeving aan het doen zijn en daarbij alle huizen zegenen. Daarbij wordt nogal wat overgeslagen, want eind april zijn de vele tweede huizen hier vaak nog niet in gebruik. Maar goed, het wordt hier in Piemonte toch een mooi jaar, dat kan niet anders.

We krijgen alle drie een kaart met op de ene kant Jezus en op de andere kant de teksten. Don Gaudenzio (die naam betekent trouwens ‘vreugdevol’) staat op, haalt een mobiele stola uit z’n zak, doet die om en steekt van wal. Zo af en toe mogen wij iets bevestigends zeggen. Mijns ondanks ben ik ontroerd. Staan we hier op ons terras, met de hele vallei als uitzicht, de Heer te danken.

Natuurlijk sluiten we af met het Padre nostro. Vlak voordat we bij het Amen aankomen horen we ‘Ciao!’ roepen op de achtergrond. Christian vergeet zijn verantwoordelijkheid niet en antwoordt, dwars door het gebed heen. Don Gaudenzio verschudt geen oor, gewend als Italianen zijn aan wat je ‘levendige’ missen zou kunnen noemen. Op het einde haalt hij een soort ampul uit z’n jas en besprenkelt ons. Daarna zijn we klaar en gelouterd en kunnen we het hek gaan openen voor Elia, onze megaklusser, voor een afspraak.

Deze samenlopen zijn geen toeval, we maken die elke keer mee. Ook als we geen afspraken maken zijn er altijd oploopjes van mensen die op hetzelfde moment binnenlopen. Zo waren we zondag bezig om samen met vriend Fabrizio de yurt overeind te trekken toen de gebroeders Gatti langskwamen. O ja, voor wie dat niet weet moet ik nog toelichten dat je hier vaak niet van tevoren een prijs voor een bepaalde prestatie afspreekt: je houdt het lekker vaag, probeert een gevoel te krijgen wat de financiële schade zal zijn, en de vaklui gaan aan de slag – in dit geval het rooien van een dozijn bomen op het terrein. Daarna komen dezelfde vaklui dan terug, we drinken een biertje, Laura probeert het zo gezellig mogelijk te maken, en dan gaat het uiteindelijk over, meestal zwart, geld. En als we elkaar eerder al meerdere keren hebben ontmoet valt het eindbedrag meestal mee.

In elk geval, de Gatti’s komen op een kritiek moment, wanneer we dreigen te worden verpletterd door de koepel van de yurt; ze halen meteen een extra trap uit de auto en helpen ons door het kritieke moment heen. Precies dan komen onze buren Mariarosa en Germano thuis (normaal pas eind mei, maar vanwege een afspraak eenmalig eerder) en we begroeten elkaar. Iedereen maakt een praatje en lijkt nergens heen te hoeven.

Het wijwater is inmiddels ruimschoots verdampt, maar ik denk toch dat we wel gezegend zijn.

Plaats een reactie