
Bidden helpt dus ook al niet. Tot Venlo ging het goed: donker, stil, koud maar steeds behaaglijker. Een beetje groggy van het vroege opstaan, maar net wakker genoeg om in een haast meditatieve staat te raken van het monotone geluid van de auto en de weinige visuele prikkels van buiten. Laura die een half uur lang probeert te bepalen of ik wakker gehouden moet worden met gesprekjes en/of versnaperingen (het is desondanks heel simpel: ik eet ’s ochtends om vier uur havermoutpap en daarna hoef je me diverse uren niet meer te voeren of te entertainen), het dan geleidelijk aan opgeeft en anderhalf uur onder zeil verdwijnt. Vervolgens een uurtje of vier heerlijk doorzoemen.
Maar nee, een lange colonne Hollanders met hun zwevende doodskisten verlaat het land, honderd kilometer later aangevuld met evenzovele Belgen. En waar diezelfde Nederlanders in eigen land nog wel eens de rechter rijbaan willen opzoeken na het inhalen, in het buitenland hoef je je niet te gedragen en het is toch Duitsland maar. Pas bij Karlsruhe zout het peloton op richting de Oost en breekt de rust aan.
Ik bedenk me ineens, zomaar, hoe fijn het zou zijn als mijn vader nog eens kon komen kijken in Cortemilia. Hoe hij aan de slag zou gaan met het bijschaven van deuren en het ophangen van lampen. Verder dan dat kom ik niet, want hij is al weer achttien jaar dood (aanstaande woensdag is zijn 85e verjaardag) en ik kan me nauwelijks bedenken hoe onze relatie zou zijn geworden en of we over het terrein zouden slenteren samen, pratend over fruitbomen en afrasteringen en everzwijnen en geld. Ik ben niet zo van spijt en van als-nou-eens, maar toch: het zou een mooi cadeau zijn geweest.
De reisdag is lang, maar we hebben het wel eens erger meegemaakt. Tegen half acht stappen we ons huisje binnen. Dat is even wennen: het is rommelig, viezig en de nieuwe pelletkachel is wel heel dominant aanwezig – hij is veel hoger dan we ons hadden voorgesteld, en staat niet tegen de muur. En de ventilator wordt gevoed door een stroomkabel die de huiskamer doorkruist omdat er geen stopcontact dichtbij is. Genoeg: geen goed idee, iets van iets vinden na een reis van veertien uur. Morgen ziet de wereld er sowieso heel anders uit.

Vandaag geprobeerd zondag te vieren, ondanks de stortvloed van dingen en dingetjes die de aandacht proberen te trekken: repareer mij! verfraai mij! ruim mij op! onderhoud mij! Toch erin geslaagd in het dorp cappuccino te drinken met hemelse cannoli erlangs, en als echte toeristen onze plaatselijke kasteelruïne te bezichtigen. En Laura heeft eindelijk (ongeveer) de uiteinden van het terrein waargenomen – er ook daadwerkelijk fysiek naartoe gaan is misschien nog een brug te ver. Wel heeft ze de keuken vanmiddag omgetoverd tot een comfortabele werkruimte – morgen of overmorgen de muren nog kersenrood verven en je wil er niet meer weg.


Thanks !!
LikeLike
Paul,
Wat kun je geweldig mooi schrijven
Ik kijk uit naar de nieuwe verhalen en avonturen die jullie beleven in het mooie ITALIA. 😘
LikeLike